zoeken X

Verantwoord werk toedelen

In de Jeugdwet staat dat verantwoorde hulp moet worden geboden: hulp van goed niveau, die in ieder geval veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht wordt verleend. En die is afgestemd op de reële behoefte van de jongere en/of ouder. Hoe doe je dat? Dat is vastgelegd in de norm van de verantwoorde werktoedeling. In de praktijk blijkt dat het toepassen van de norm vaak lastig is. Wanneer is de inzet van een geregistreerde professional noodzakelijk en welke vakbekwaamheid zet je in om de taken uit te voeren? Ga daarom altijd met elkaar in gesprek. Over de verdeling van taken, maar ook over werken volgens je professionele standaard.

Verdeling van taken 
De norm verplicht tot het inzetten van een geregistreerde professional. Daarvan kan worden afgeweken als je aannemelijk kunt maken dat een niet-geregistreerde professional niet afdoet aan de kwaliteit van de hulp, of deze zelfs vergroot. Zet professionals in met kennis en vaardigheden die bij passen bij de hulpvraag van het kind, de jongere of het gezin.

Wat betekent dat in de praktijk? In veel organisaties werken professionals met elkaar samen. Bijvoorbeeld waar kinderen of jongeren in groepen of gezinshuizen wonen. Hoe verdeel je dan taken en verantwoordelijkheden en bied je verantwoorde hulp? Moet een geregistreerde professional altijd fysiek aanwezig zijn? Kan een niet-geregistreerde professional ook een behandelplan opstellen?‘ Verantwoord werken’ vraagt in elke situatie iets anders. Ga daarom met elkaar in gesprek. In de handreiking 'In gesprek over de norm van de verantwoorde werktoedeling' vind je hiervoor een praktisch stappenplan.

In de brochure ‘Gezamenlijk inzetten van geregistreerde en niet-geregistreerde professionals’ lees je alles over de samenwerking tussen niet-geregistreerde en geregistreerde collega’s en wie waarvoor verantwoordelijk is.

Kwaliteitskader Jeugd

Het Kwaliteitskader Jeugd beschrijft wanneer je een geregistreerde en niet-geregistreerde professional moet inzetten. Ga naar het Kwaliteitskader Jeugd. In het bijbehorende afwegingskader zijn de indicatoren hiervoor schematisch weergegeven.

In gesprek met elkaar 
De norm stelt ook dat professionals moeten worden ingezet met kennis en vaardigheden die passen bij de hulpvraag. Ga daarover niet alleen als professionals in gesprek met elkaar, maar óók als aanbieders en gemeenten.

“Zet je op het juiste moment zwaardere of lichtere hulp in en evalueer je of dat de juiste keuze was? Het is van belang ervaringen te bespreken, met medewerkers, samenwerkingspartners, gemeenten.”

Lees het interview ‘Inzetten op samen leren’ over het belang van met elkaar als professional, aanbieder en gemeente reflecteren op je handelen.

Professioneel Statuut
Het derde onderdeel van de norm geeft aan dat je als professional moeten kunnen werken volgens je professionele standaard. Je professionele standaard bestaat o.a. uit je beroepscode en vakinhoudelijke richtlijnen. Het kan gebeuren dat die beroepscodes en richtlijnen botsen met wat een organisatie vraagt. Een professioneel statuut is in zo’n geval een uitkomst. Het helpt je in gesprek te gaan met je werkgever over waar jouw verantwoordelijkheid als professional begint en eindigt. 

Model Professioneel Statuut

Is er in de organisatie nog geen professioneel statuut en moet deze er wel komen? Gebruik dan het model Professioneel Statuut Jeugdhulp en Jeugdbescherming. Spelen er dilemma’s? De handvatten uit het model gebruik je om hierover met elkaar in gesprek te gaan.

Samen leren

Bekijk hoe team050 samen leren vormgeeft op de werkvloer aan de hand van hun magazine.

Download magazine

Werkformat

Werkprocessen en samenwerking tussen beleidsmakers en uitvoerders verbeteren? Ga periodiek met elkaar in gesprek. 

Gebruik dit handige format