zoeken X

Samenwerken is sleutel tot succes

Jongerenwerker Stephan Beute (Surplus Welzijn Moerdijk) en jeugdverpleegkundige Anneke Driessen (CJG Rijnmond) in gesprek over samenwerken en waarom ze (bijna) lid zijn van een beroepsvereniging.

Kennen ze elkaar? Dat niet, maar het gesprek tussen Stephan Beute en Anneke Driessen verloopt vlotjes. Hoe verschillend ieder in zijn rol zit, en hoe anders het in verschillende gemeentes georganiseerd is, het werken met jongeren bindt: als de een iets over een kind vertelt, zit de ander instemmend te knikken. Verschil bij Stephan en Anneke is er in de mate waarin ze samenwerken met andere professionals. Waar Anneke graag wil, maar nog zoekende is, heeft Stephan het al geregeld.

Stephan: “Als de samenwerking er niet is, dan zoek ik ‘m op. Samenwerken is de sleutel tot succes, het maakt de jeugdhulpverlening laagdrempeliger. Als jongerenwerkers hebben we veel contact met jongeren op straat en in het jongerencentrum. We leren ze kennen en als we merken dat er iets speelt, hebben we een kort lijntje met andere professionals.”

Anneke: “Wordt er ook samengewerkt met een jeugdverpleegkundige?”
Stephan
: “Zeker. Het is een kruisbestuiving, we komen bij elkaar over de vloer. De wijkagenten komen hier koffie drinken en de jeugdverpleegkundige ook. Zo worden het bekende gezichten. Als het CJG denkt ‘hulpverlening, ik weet niet of dat nodig is’, dan brengen ze de jongeren naar ons toe. Wij houden dan vinger aan de pols. En de jeugdverpleegkundige komt hier bijvoorbeeld langs om meiden die meedoen aan het project Super Woman, een workshop te geven over seksualiteit, loverboys enz. De dames leren haar daardoor kennen, waardoor het minder eng wordt om naar haar toe te gaan als er iets speelt.“
Anneke: “Ik verwijs wel, maar er wordt nog weinig echt samengewerkt. Binnen ons CJG zijn we bezig om te kijken hoe we de samenwerking met andere jeugdhulpverleners en het wijkteam op gang kunnen krijgen. Wij kunnen bijvoorbeeld heel makkelijk op huisbezoek. Hoe fijn is het als je dat samen met een jongerenwerker of iemand uit het wijkteam kunt doen? Op die manier kunnen we ook de schat aan informatie die we hebben met hen delen.”

Stephan: “En casuïstiekbespreking, hoe gaat dat dan?”
Anneke: “Wij hebben geen inhoudelijke casuïstiekbesprekingen meer. Dat was in het verleden wel zo, maar het casuïstiekoverleg is nu iets van de wijkteams. Op de scholen waar ik werk, neem ik wel deel aan het multidisciplinair overleg. Daar is naast school ook ‘Onderwijs dat past’ bij en eventuele genodigden, zoals een logopedist, een fysiotherapeut of het wijkteam. Meestal worden ouders en jongeren hier ook voor uitgenodigd.”
Stephan: “Naast casuïstiekoverleg met het CJG, zitten we ook bij het jeugd preventie overleg (JPO). Daar zit onder meer een jeugdverpleegkundige bij, de wijkagenten, de veiligheidscoördinator van de gemeente en de verslavingszorg. Ook binnen dit netwerk worden casussen besproken. We proberen elkaar als een team te versterken; dat werkt fantastisch. Het JPO heeft een convenant waarin staat dat we binnen het JPO over namen mogen praten. Dus kan ik sparren met de wijkagent, de jeugdambtenaar, de CJG-professional noem maar op. Ook dat is een voordeel van een goed georganiseerde samenwerking, dat je je hart kunt luchten en makkelijk kunt sparren, je kunt duidelijk zijn en om informatie vragen. In de gemeente Moerdijk staat de jeugdhulpverlening echt als een huis.”

Anneke: “Ik heb het gevoel dat we bij ons nog veel op eilandjes zitten. Dat we daardoor soms vergeten worden en steeds moeten uitleggen wat wij kunnen betekenen. Herken je dat?”
Stephan: “Wij hebben ons ook moeten bewijzen. Sinds kort maken we vlogs om te laten zien wat er in een jongerencentrum gebeurt. Daar komt ook de wijkagent een keer in voor en de ambtenaar jeugdbeleid. De jongeren zien op internet die gezichten dan ook weer. En ik ben samen met de jeugdverpleegkundige een besloten Facebook-pagina gestart voor alle netwerkpartners Jeugd in de gemeente Moerdijk, dus van schooldirecteuren tot voetbaltrainers, noem maar op. Op die manier proberen we met iedereen contact te houden en kan iedereen zich zichtbaar maken. Als er iets vernieuwends is op het gebied van jeugd of als er iets in de krant staat, posten we dat op die pagina. Daar discussiëren we dan over en zo houden we het levendig.”
Anneke: “Voor de transitie hadden we after lunch bijeenkomsten over opvoedvragen, slaapproblematiek enzovoort. Daar werd iedereen voor uitgenodigd: jongerenwerkers, andere hulpverleners. Dat was goed voor de informele contacten.”
Stephan: “Voor iedereen geldt: kom je kantoor uit. Aan een netwerkoverleg over vrijwilligers, waar we zelf in eerste instantie niet voor uitgenodigd waren, heb ik bijvoorbeeld onze locatie aangeboden, dus ze komen hiernaartoe. Zien ze gelijk wat we hier doen. Dus ook al heb je niet de tijd om bij een jongerencentrum binnen te stappen, bel ze op en vraag of je hun ruimte kunt gebruiken om te vergaderen. Dan kun je in werktijd langzaam je netwerk opbouwen.”

Anneke: “Ben je lid van een beroepsvereniging?”
Stephan: “Ik ben nog geen lid, maar daar gaat snel verandering in komen. Ik kom net terug uit Servië. Met BVjong ben ik op pad geweest om online trainingen te ontwikkelen voor jongerenwerkers en jongeren. Heel interessant wat BVjong landelijk doet om het kinder- en jongerenwerk sterker te maken, met elkaar te ontwikkelen en te innoveren, en visies te delen. Dat spreekt me heel erg aan.”
Anneke: “Ik ben lid van V&VN (Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland). Binnen de vereniging heb ik meegewerkt aan richtlijnontwikkeling, en ik bemoei me met wat we moeten registreren. Heel leuk. Wat ze mij brengen is kennis. Je blijft op de hoogte van de ontwikkelingen die er zijn op je vakgebied en je kunt erover meedenken. Bovendien geeft een beroepsvereniging je een veel grotere stem richting de politiek. Neem een onderwerp als dat je verplicht moet melden. Vanuit V&VN hebben we ons er hard voor gemaakt dat bij een vermoeden van kindermishandeling, melden of niet melden een professionele overweging moet zijn. De politiek heeft dat overgenomen. Eigenlijk vind ik dat elke professional lid moet zijn van een beroepsvereniging, want zoiets bereik je niet in je eentje.”

 

Professionals in jeugdhulp en jeugdbescherming maken het verschil voor kinderen, jongeren en gezinnen die hulp en ondersteuning nodig hebben. De beroepsverenigingen ondersteunen en stimuleren professionals hierbij. In het Programma PJ&J geven de beroepsverenigingen een stem aan professionals in het jeugddomein. Die stem maakt professionals zichtbaar en zorgt ervoor dat de beroepsverenigingen invloed uit kunnen oefenen op actuele landelijke ontwikkelingen. Daarmee behartigen zij de belangen van professionals. Met het versterken van vakmanschap van de beroepsgroepen investeren beroepsverenigingen in een goede kwaliteit van jeugdhulp.

Wil je meer informatie of lid worden van jouw beroepsvereniging? Klik dan op het logo

AJNBCMBBPSWBVJongNIPNVOvertrouwensartsenvvn 

Deel dit artikel